Huishoudelijke Reglementen

Inhoud

*      Huishoudelijk reglement V.V.E. Port Scaldis en V.V.E. Parkeergarage

*      Huishoudelijk reglement V.V.E. Scaldia

*      Huishoudelijk reglement V.V.E. Bressia

*      Huishoudelijk reglement V.V.E. Flandria

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Huishoudelijk reglement V.V.E. Bressia

 

 

VERENIGING VAN EIGENAARS  “ PORT SCALDIS TE BRESKENS ”

APPARTEMENTENGEBOUW “ BRESSIA ”

 

BEGRIPSBEPALINGEN.

 

Artikel 1.

1.1         Voor dit huishoudelijk reglement gelden de begripsbepalingen van artikel 1 van de akte van splitsing.

1.2         Waar dit van toepassing is in het huishoudelijk reglement dient voor de mannelijke vorm de vrouwelijke vorm gelezen te worden.

1.3         In het huishoudelijk reglement (hierna HR te noemen) wordt verstaan onder:

 

Akte van splitsing:          De akte van ondersplitsing, vastgesteld d.d. 15 december 1995 ten overstaan van Mr. Jacobus Everaert, notaris ter standplaats Terneuzen.

 

Bestuur:                         Het bestuur van de Vereniging van Eigenaars als bedoeld in art. 41 lid 1 van de akte van ondersplitsing.

 

Administrateur:              De (rechts)persoon, die het administratieve beheer van de Vereniging van Eigenaars voert.

 

Vergadering:                  De jaarlijkse vergadering als bedoeld in art. 33, van de akte van ondersplitsing, te houden minimaal 1 maal per kalenderjaar.

 

Verhuur:                        Indien er in het HR gesproken wordt van verhuur, wordt hiermede niet alleen de verhuur in de recreatieve sector bedoeld.

 

Bressia:                          Het appartementengebouw, kadastraal bekend als gemeente Oostburg, sectie L, nummer 1252, alsmede de onroerende goederen welke eventueel aan genoemd pand zullen worden toegevoegd.

 

HET BESTUUR.

 

Artikel 2.

2.1         Het bestuur bestaat uit 5 leden.

2.2         Benoeming van bestuursleden vindt plaats, hetzij op voordracht van het bestuur, hetzij op voordracht van één of meerdere leden van de vereniging. Laatstbedoelde voordracht moet tenminste 72 uur voor de aanvang van de vergadering schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend.

2.3         De administrateur kan op uitnodiging van het bestuur vergaderingen van de vereniging, alsmede de vergaderingen van het bestuur bijwonen en daarin het woord voeren. Hij heeft echter geen stemrecht.

2.4         Het bestuur zal in onderling overleg een taakverdeling vaststellen.

2.5         De vereniging wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd door de voorzitter, of, indien de meerderheid van de bestuursleden dit nodig acht, door de administrateur.

2.6         De administrateur kan worden belast met de uitvoerende taken van het bestuur. Hij voert tevens de boekhouding en de administratie van de vereniging.

2.7         De administrateur is verplicht, indien hij zich als zodanig terugtrekt dan wel van zijn functie ontheven wordt, om zijn opvolger alle informatie te verstrekken welke nodig is voor een goede taakuitvoering als administrateur.

2.8         De administrateur ontvangt voor de hierboven in lid 6 genoemde werkzaamheden een vergoeding, die ieder jaar op de vergadering door de leden wordt vastgesteld.

2.9         De leden van het bestuur krijgen, na goedkeuring door de voorzitter, de onkosten, die zij gemaakt hebben in het kader van bestuurswerkzaamheden vergoed.

2.10      Het bestuur verstrekt aan de vergadering tenminste om de drie jaar een verslag van een deskundige betreffende de technische staat van het gebouw en de daarin aanwezige installaties.

2.11      Tijdens de vergadering wordt door en uit de leden een commissie benoemd, die tot taak heeft de exploitatie en het beheer van de gelden en bezittingen van de vereniging te controleren en op de eerstvolgende vergadering de leden te vragen het bestuur te dechargeren.

 

VERGADERING VAN EIGENAARS.

 

Artikel 3.

 

3.1      Een vergadering van eigenaars is toegankelijk voor  leden, dan wel hun gemachtigden, die als zodanig voor aanvang van de vergadering schriftelijk aan de voorzitter bekend gemaakt worden en door hem erkend zijn.

3.2     Bewoners, die geen appartementsrecht hebben als bedoeld in art. 875 a vierde lid van het Burgerlijk Wetboek, kunnen, mits 72  uur voor de aanvang van de vergadering schriftelijk aangemeld en alleen na toestemming van het bestuur, op vergaderingen van  eigenaars worden toegelaten, doch hebben geen stemrecht en naar oordeel van de voorzitter beperkt spreekrecht.

3.3      In de vergadering van eigenaars wordt mondeling gestemd, tenzij de vergadering schriftelijke stemming verlangt. Over personen wordt schriftelijk gestemd, tenzij met meerderheid van stemmen wordt besloten dit bij handopsteken of door middel van stemkaarten te doen.

 

RESERVEFONDS / VOORSCHOTBIJDRAGE.

 

Artikel 4.

4.1         Er wordt een reservefonds gevormd voor “Grootonderhoud”.

4.2         De te reserveren bedragen worden door de vergadering van eigenaars ieder jaar vastgesteld, te beginnen in 1998.

4.3         De rechten op het reservefonds, dat tot het vermogen van de Vereniging van Eigenaars behoort, gaan van rechtswege met het lidmaatschap van de vereniging bij vervreemding van de eigendom van het betreffende appartementsrecht over op de verkrijger.

4.4        De eigenaars zijn verplicht maandelijks bij vooruitbetaling een twaalfde van de jaarlijkse voorschotbijdrage aan de vereniging te voldoen. De eigenaars zullen voor de betaling een machtiging voor periodieke overboeking aan hun bankrelatie verstrekken, dan wel een incassomachtiging aan de administrateur verstrekken.

4.5         In de voorschotbijdragen zijn begrepen de z.g. servicekosten en de bijdragen aan het reservefonds.

 

EXPLOITATIEREKENING.

 

Artikel 5.

5.1         De exploitatierekening zal mede bevatten een berekening van het reservefonds "Grootonderhoud".

5.2         De opstelling door de administrateur/het bestuur van hiervoor bedoelde exploitatierekening zal geschieden binnen de twee maanden na afloop van het boekjaar. De vaststelling ervan door de vergadering dient te geschieden voor 1 juli daaropvolgend.

5.3         Het boekjaar loopt van 1 januari tot en met 31 december. Als eerste boekjaar zal gelden 1998.

5.4         Bezittingen van de vereniging zullen worden gewaardeerd volgens goed koopmansgebruik. Eventuele op- of afwaarderingen kunnen uitsluitend geschieden na een daartoe strekkend besluit van de vergadering van eigenaars.

5.5         Opwaarderingen komen ten gunste van het reservefonds “Grootonderhoud”. Afwaarderingen komen ten laste van de exploitatierekening.

5.6         Schulden en verplichtingen van de vereniging worden gewaardeerd op hun nominale waarde.

 

VERPLICHTINGEN EIGENAARS.

 

Artikel 6.

6.1     Als men eigenaar wordt van een appartement en/of garage is men verplicht de in art. 875 p, alinea 2 van het Burgerlijk Wetboek vereiste mededeling te doen aan het bestuur van de vereniging van eigenaars.

Men is tevens verplicht tot het verstrekken van de volgende gegevens:

-                     naam en volledig adres van de eigenaar en/of eigenaren.

-                     namen van de bewoners van het appartement.

 

6.2      Iedere eigenaar is gehouden het HR in acht te nemen. De eigenaar blijft ten allen tijde volledig en hoofdelijk aansprakelijk, ook bij het in gebruik geven aan derden van zijn appartement (met of zonder titel) en zo ook bij het in beheer geven aan derden, onverminderd de aansprakelijkheid van de derde.

6.3      De bepalingen van dit reglement zijn van kracht vanaf de dag van hun vaststelling en verbindend voor alle eigenaars en gebruikers. Voor nieuwe eigenaars en gebruikers zijn zij bindend vanaf de dag van hun verkrijging in eigendom of gebruik.

6.4      De eigenaar die vervreemdt, verhuurt en dergelijke wordt geacht voor de vervreemding, verhuring en dergelijke de nieuwe eigenaar of huurder en dergelijke hiervan op de hoogte te hebben gesteld en een exemplaar van het tweede deel (vanaf art. 9) van dit HR ter hand te hebben gesteld en voor akkoord te hebben laten tekenen. Bij niet naleving hiervan blijft vervreemder of verhuurder en dergelijke hoofdelijk aansprakelijk voor de gevolgen.

 

Artikel 7.

7.1      In verband met noodsituaties is iedere eigenaar of gebruiker verplicht het bestuur een adres binnen de gemeente Oostburg te verstrekken waar zijn huissleutel beschikbaar is.

7.2      Er wordt van die sleutel slechts gebruik gemaakt in noodsituaties en dan nog in het bijzijn van minstens twee medebewoners of een bestuurslid, dan wel politie of brandweer.

7.3     Indien een eigenaar of gebruiker heeft nagelaten een sleuteladres aan het bestuur te verstrekken, is hij persoonlijk aansprakelijk voor schade die daaruit kan voortvloeien.

 

Artikel 8.

8.1      De eigenaars en gebruikers van de appartementen zijn verplicht hun appartementen uitsluitend en alleen te gebruiken als woonruimte.

8.2      Het vestigen en/of uitoefenen van handel, nering of een bedrijf in het appartementengebouw is verboden.

 

HET GEBRUIK VAN HET APPARTEMENTENGEBOUW BRESSIA.

 

Artikel 9. (ALGEMEEN)

9.1      De beplante gedeelten van het terrein rond het gebouw dienen te worden gerespecteerd en mogen niet worden betreden, behalve voor het verrichten van door het bestuur nodig geacht of toegestane werkzaamheden.

9.2      Het bij het gebouw behorende terrein is tot gemeenschappelijk gebruik van alle bewoners bestemd. Het is niet geoorloofd buiten de eventueel door het bestuur speciaal daartoe aangewezen gedeelten motorvoertuigen, fietsen of andere voertuigen te parkeren, te wassen en te repareren.

9.3      Op het bij het gebouw behorende terrein mogen geen afvalstoffen -behalve op de daartoe door het bestuur eventueel aan te wijzen plaatsen- en geen voedsel voor dieren worden gedeponeerd.

9.4      Het is verboden  voorraden van brandbare vloeistoffen of gassen of van explosieve stoffen te bewaren in het gebouw, waar dan ook.

9.5      Het is verboden vet- en/of olieresten alsmede stoffen die schadelijk zijn voor het milieu, via het afvoersysteem in het riool te doen terechtkomen.

9.6      Personen die komen venten, leuren, collecteren, enquêteren of getuigen van hun geloof en hun activiteiten tot meer dan een bewoner uitstrekken, hebben daarvoor toestemming nodig van het bestuur.

9.7      De gebruiker is verplicht het plaatsen van steigerwerk en het betreden van balkons en terrassen, door het personeel belast met reiniging en onderhoud van gevels, daken, puien en ruiten, toe te staan.

9.8      Aan de centrale afzuiginstallatie respectievelijk aan de afzuigventielen, aanwezig in keuken, badkamer en toiletten, mogen geen aansluitingen van een mechanische afzuigkap of anderszins worden aangebracht. Storingen of gebreken aan de installatie, hierdoor veroorzaakt, worden voor rekening van de betreffende gebruiker hersteld.

9.9      In verband met de zich in de dekvloer bevindende leidingen van water, gas en van de centrale verwarming is het niet toegestaan om in de vloer te timmeren of te boren.

 

Artikel 10. (HUISVUIL)

10.1      Huisvuil en/of ander afval dient ordelijk in de daarvoor bestemde containers te worden geplaatst op de daarvoor aangewezen plaatsen.

10.2      Huisvuil, zoals b.v. koffiedik en kattenbakvullingen, dient zodanig verpakt te worden dat het niet door kapotte vuilniszakken/dozen kan lekken.

10.3      Papier moet men in de daar voor bedoelde container worden geplaatst.

10.4     Flessen en overige glas verpakkingen moet men naar de openbare glascontainers brengen en dienen niet in de huisvuilcontainers te worden geplaatst.

10.5     Er mag geen chemisch afval in de afvalcontainer gedeponeerd worden, dit dient u zelf af geven bij de Milieustraat in Oostburg van de gemeente Sluis.

 

Artikel 11. (GEMEENSCHAPPELIJKE RUIMTEN)

11.1      Het bestuur kan omtrent het gebruik van de gemeenschappelijke gangen en trappen, de liften en andere voor gemeenschappelijk gebruik bestemde ruimten nadere orderregels vaststellen en lijsten van deze regels op daarvoor in aanmerking komende plaatsen aanbrengen.

11.2      De gemeenschappelijke ruimten mogen nimmer worden gebruikt voor opslag van materialen, afval, enz.

11.3      Alle deuren, zowel de buitendeuren van het gebouw, de buitendeuren van appartementen, de deuren van garages, en de (eventuele) deuren van de containerruimten dienen normaal gesloten te blijven.

11.4      Uit veiligheidsoverwegingen is het de bewoners niet toegestaan op verzoek van onbekenden deuren te openen, welke toegang kunnen geven hetzij tot de gemeenschappelijke ruimten, hetzij tot de privé-ruimten.

11.5      Zonder toestemming van het bestuur is het verboden affiches, reclamebiljetten en andere boodschapuitdragende berichtgevingen te plaatsen of te hangen in de gemeenschappelijke ruimten.

11.6      Het is niet toegestaan folders en kranten op de brievenkasten of in openbare ruimten te deponeren.

11.7      De bewoners mogen in de hal (bellentableau en brievenbussen) en bij de voordeuren van de appartementen slechts naambordjes aanbrengen volgens een door het bestuur vastgesteld uniform model. Deze naamplaatjes kunnen worden besteld bij het bestuur /de administrateur en worden door de vereniging betaald.

11.8      Liften dienen slechts gebruikt te worden voor het vervoer van personen. Het vervoer van goederen is toegestaan na vooraf verkregen toestemming van het bestuur, hetwelk aan deze toestemming voorwaarden kan verbinden.

11.9      De maximale belasting van de liften mag niet worden overschreden. Bij brand mogen de liften niet gebruikt worden.

11.10   Het is verboden zich in badkleding in de gemeenschappelijke gedeelten, waaronder de liften, te begeven.

11.11   De liften dienen niet gebruikt te worden voor transport van fietsen, buitenboordmotoren of anderszins.

11.12   Fietsen, bromfietsen en dergelijke dienen in de garage, stalling of t.z.t. in de fietsenrekken geplaatst te worden.

11.13   Garages mogen slechts gebruikt worden als stalling voor auto's, motorfietsen, fietsen, bromfietsen en dergelijke.

11.14  Het is slechts na schriftelijke toestemming van het bestuur toegestaan energieverbruikende apparatuur in de garages te plaatsen.

11.15   Auto’s en of motoren dienen niet onbeheerd in de gangen van de parkeergarage achtergelaten te worden, doch geparkeerd te worden op het parkeerterrein of in de individuele garageboxen.

11.16   Het is aan kinderen beneden de 12 jaar verboden zich op te houden in de parkeergarage zonder begeleiding van minstens een volwassene.

11.17   Het bestuur regelt de verlichting van de gemeenschappelijke gedeelten van het gebouw en de verlichting van het terrein.

11.18   Het is verboden brandslangen voor een ander doel te gebruiken, dan waarvoor zij zijn aangeschaft.

11.19   Het plaatsen van kasten, bloemen, planten en andere voorwerpen in een gemeenschappelijke ruimte is toegestaan, mits dit geen beschadigingen aan muren en dergelijke tot gevolg heeft en geen overlast voor de medebewoners en/of gebruikers kan opleveren. Deze voorwerpen mogen geen belemmering opleveren in eventuele vluchtroutes i.v.m. brand en/of andere noodsituaties.

11.20   De trappenhuizen dienen vrij te blijven van obstakels welke in geval van nood een directe doorgang belemmeren.

11.21   Het is verboden de daken te betreden of zich toegang te verschaffen tot de kastruimten voor gemeenschappelijke voorzieningen zonder toestemming van het bestuur.

11.22   De eigenaar of gebruiker die verantwoordelijk is voor extra vervuiling door huisdieren, huisvuil, materiaalvervoer of anderszins, dient onmiddellijk maatregelen te treffen teneinde dit vuil direct te (doen) verwijderen, ongeacht de door het bestuur te treffen maatregelen voor het onderhoud van de gemeenschappelijke ruimten.

11.23   Het is niet toegestaan dat gerookt wordt in de gemeenschappelijke ruimten. Het bestuur draagt er zorg voor, dat door middel van stickers of anderszins bezoekers hierop gewezen worden.

11.24  Auto's voorzien van L.P.G.-installatie zijn in de garage niet toegestaan.

 

Artikel 12. (BALKONS)

12.1      Het aanbrengen dan wel zich laten bevinden, op welke wijze dan ook, van voorwerpen (waaronder mede begrepen vlaggenstokken, vlaggen, gevelantennes (waaronder ook schotelantennes) aan de buitenzijde van de balkons en/of ramen is niet toegestaan.

12.2      De balkons dienen slechts als recreatieruimten en niet als opslagplaats of berging.

12.3       Het is niet toegestaan op balkons buitenboordmotoren of dergelijke schoon te spuiten.

12.4      Het hangen van wasgoed, beddengoed en dergelijke op balkons is toegestaan en wel zodanig, dat het wasgoed e.d. niet uitkomt buiten de balustrade.

12.5      Het is niet toegestaan ruiten van de appartementen te beplakken, dan wel op andere wijze ondoorzichtbaar te maken.

12.6      Het aanbrengen van zonneschermen en rolluiken is alleen na uitdrukkelijke toestemming van het bestuur toegestaan. De zonwering voor alle appartementen dient qua kleur en soort uniform te zijn en te blijven.

Let op !!! Aangebrachte zonneschermen, windschermen en/of rolluiken vallen niet onder de verzekeringen van welke aard ook, ten name van de gezamenlijke eigenaars, dan wel van de Vereniging van Eigenaars. (deze dienen door de eigenaren zelf te worden verzekerd)

12.7      Het houden van huisdieren op de balkons is niet toegestaan.

12.8     Het is verboden op de balkons of terrassen te barbecuen.

12.9      Het is niet toegestaan op de balkons of terrassen muziek (d.m.v. muziekinstrumenten, radio, TV, e.d.) voort te brengen.

 

Artikel 13. (HUISDIEREN)

13.1Huisdieren mogen niet in de gemeenschappelijke ruimten van het gebouw loslopen. Zij dienen kort aangelijnd te zijn of te worden gedragen.

13.2Huisdieren die bij een eventuele vlucht uit een privé-gedeelte gevaar kunnen opleveren voor de medebewoners, zijn niet toegestaan.

13.3Iedere eigenaar draagt er zorg voor dat door zijn huisdier(en) geen extra vervuiling van de liften en de gemeenschappelijke ruimten veroorzaakt wordt.

13.4Diegene die bezoek ontvangt van mensen die huisdieren bij zich hebben, dienen dat bezoek te wijzen op de in dit artikel gestelde. De eigenaar of gebruiker is verantwoordelijk voor het gedrag van dat bezoek.

13.5Onnodig geluid, voortgebracht door huisdieren (m.n. blaffende honden), op balkons en terrassen dient vermeden te worden.

13.6    Voor de recreatieve verhuur zijn honden en overige huisdieren verboden!!!

                                                     

Artikel 14. (AANSPRAKELIJKHEID)

14.1      Indien men in of aan zijn appartement werkzaamheden laat verrichten, blijft de opdrachtgever ten opzichte van de Vereniging van Eigenaars volledig verantwoordelijk, onverminderd de aansprakelijkheid van de uitvoerder.

14.2      De eigenaar of gebruiker is aansprakelijk voor alle schade die door hem of zijn huisgenoten aan het gebouw wordt toegebracht. De eigenaar of gebruiker is ook aansprakelijk voor alle schade toegebracht door personen of dieren, die door de eigenaar of gebruikers tot het gebouw zijn toegelaten of er op diens uitnodiging verblijven.

 

Artikel 15. (WOONGENOT)

15.1      Tijdens de bouw wordt op de vloeren een isolatielaag aangebracht. Bij gebruik van stenen (plavuizen) vloeren, parketvloeren en dergelijke in de woon- en slaapkamers is de eigenaar verplicht extra isolatie aan te brengen teneinde overlast voor andere bewoners te voorkomen. Vloerbekledingen die bij het belopen ervan met hard schoeisel geluidsoverlast kunnen veroorzaken, kunnen alleen in overleg met het bestuur worden toegepast. Alleen vloerbekledingen die de isolatie-index voor contactgeluid (Ico) met meer dan 10 dB verbeteren, zijn toegestaan. De verbetering moet zijn beoordeeld op basis van de norm NEN 1070 en NEN 5077. De leveranciers dienen hiertoe garanties te verstrekken.

15.2      Het voortbrengen van muziek en het gebruik van geluidsapparatuur in het appartementengebouw dient slechts op zodanige wijze te geschieden, dat het niet hinderlijk hoorbaar is.

15.3      Het is slechts beperkt toegestaan werkzaamheden uit te (laten) voeren met gebruikmaking van boren, hamers en andere werktuigen, welke hinderlijk lawaai veroorzaken voor de overige bewoners. Deze werkzaamheden zijn toegestaan op maandag tot en met vrijdag tussen 09.00 uur en 18.00 uur en op zaterdag tussen 10.00 uur en 18.00 uur. Op zon- en feestdagen is dit helemaal niet toegestaan.

15.4      Het uitkloppen of uitschudden van tafelkleden, vloerkleden e.d. over de balustrades van de balkons is niet toegestaan.

15.5      Het is niet toegestaan vanuit de appartementen of gemeenschappelijke gedeelten vogels te voederen.

 

Artikel 16. (STORINGEN EN ONDERHOUD)

16.1      Storingen of beschadigingen van liften en gemeenschappelijke installaties, alsmede gebreken en beschadigingen van het gebouw en gemeenschappelijke voorzieningen, dienen onverwijld bij het bestuur gemeld te worden.

16.2      Noch de gezamenlijke eigenaars als zodanig, noch de Vereniging van Eigenaars zijn aansprakelijk voor enige schade, door welke oorzaak dan ook ontstaan, toegebracht aan personen en/of zaken in de gemeenschappelijke gedeelten van het gebouw en daarbuiten.

 

SLOTBEPALINGEN.

 

Artikel 17.

17.1      Elke bepaling in dit reglement, welke in strijd is met een bepaling der wet, of reglement van ondersplitsing, zonder dat hiervan rechtmatig is afgeweken, wordt voor niet geschreven gehouden.

17.2      Zaken waarin het HR niet voorziet, zijn ter beoordeling van het bestuur.

17.3      Iedere eigenaar of gebruiker is gehouden het reglement van splitsing en het HR in acht te nemen.

 

Artikel 18.

18.1      Het is mogelijk dat zaken tevens geregeld zijn in het Huishoudelijk Reglement van de V.v.E. Parkeergarage en/of V.v.E. Port Scaldis. Elke bepaling in dit reglement, welke in strijd is met een bepaling uit een der genoemde andere huishoudelijke reglementen, en niet vallende onder de gemeenschappelijke zaken, behorende bij het appartementengebouw BRESSIA, wordt voor niet geschreven beschouwd.

 

Artikel 19.

19.1   Voorstellen tot wijziging van het HR kunnen schriftelijk worden ingediend door het bestuur of door minstens drie eigenaars.

 

Vastgesteld in de ledenvergadering van:      13 december, 1997

Gewijzigd in de ledenvergadering van:        16 november 2002

 

Bestuur Vereniging van Eigenaren Bressia

 

 

Terug naar boven

 

 

 

 

 

 

 

Huishoudelijk reglement V.V.E. Scaldia

Vastgesteld op 6 februari 1996

Gewijzigd op 27 juni 2008

 

BEGRIPSBEPALINGEN

 

Artikel  1

1.  Voor dit huishoudelijk reglement gelden de begripsbepalingen van artikel 1 van de akte van splitsing.

2.  Waar dit van toepassing is in het huishoudelijk reglement dient voor de mannelijke vorm de vrouwelijke vorm gelezen­ te worden.

3.    In het huishoudelijk reglement (hierna HR te noemen) wordt verstaan onder:

Akte van splitsing: de akte van ondersplitsing, vastgesteld d.d. 15 december 1994 ten overstaan van Mr. Jacobus Everaert, notaris ter standplaats Terneuzen.

 

Bestuur            : het bestuur van de vereniging van eigenaars als bedoeld in art. 41 lid van de akte van ondersplitsing.

Administrateur : de (recht)perso(o)n, die het administratieve beheer van de vereni­ging van eigenaars voert.

Vergadering      : de jaarlijkse vergadering als bedoeld in art. 33, van de akte van onder­splitsing, te houden minimaal 1 maal per kalender­jaar.

Verhuur            : indien er in het HR gesproken wordt van verhuur, wordt hiermede niet bedoeld niet alleen de verhuur in de recreatieve sector.

Scaldia             : het appartementengebouw, kadastraal bekend als gemeente Oostburg, sectie L, nummer 1256 A, alsme­de de onroerende goederen welke

                          eventu­eel aan genoemd pand zullen worden toegevoegd.

 

HET BESTUUR

 

Artikel  2

1.  Het bestuur bestaat uit 5 leden.

2.  Benoeming van bestuursle­den vindt plaats, hetzij op voordracht van het bestuur, hetzij op voordracht van één of meerdere leden van de vereniging. Laatstbedoelde voordracht moet tenminste 72 uur voor de aanvang van de vergadering­ schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend.

3.  De administrateur kan op uitnodiging van het bestuur vergaderingen van de vereniging, alsmede de en van het bestuur bij wonen en daarin het woord voeren. Hij heeft echter geen stemrecht.

4.  Het bestuur zal in onderling overleg een taakverdeling vaststellen.

5.  De vereniging wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd door de voorzitter, of, indien de meerder­heid van de bestuursleden dit nodig acht, door de administrateur.

6.  De administrateur kan worden belast met uitvoerende taken van het bestuur. Hij voert tevens de boekhouding en de administra­tie van de vereniging.

7.  De administrateur is verplicht, indien hij zich als zodanig terugtrekt dan wel van zijn functie ontheven wordt, om zijn opvolger alle informatie te verstrekken welke nodig is voor een goede taakuitvoering als administrateur.

8.  De administrateur ontvangt voor de hierboven in lid 8 genoemde werkzaamheden een vergoe­ding, die ieder jaar op de Vergadering door de leden wordt vastgesteld.

9.  De leden van het bestuur krijgen, na goedkeuring door de voorzitter, de onkosten, die zij gemaakt hebben in het kader van bestuurswerkzaamheden­ vergoed.

10. Het bestuur verstrekt aan de Vergadering tenminste om de drie jaar een verslag van een deskundi­ge betreffende de technische staat van het gebouw en de daarin aanwezige installa­ties.

11. Tijdens de Vergadering wordt door en uit de leden een commissie benoemd, die tot taak heeft de exploita­tie en het beheer van de gelden en de bezittingen van de vereniging te controleren en op de eerstvolgende Vergadering de leden te vragen het bestuur te dechargeren.


VERGADERING VAN EIGENAREN

 

Artikel  3

1.  Een  van eigenaars is toegankelijk voor leden, dan wel hun gemachtigden, die als zodanig voor aanvang van de ­ schriftelijk aan de voorzitter bekend gemaakt worden en door hem erkend zijn.

2.  Bewoners, die geen appartementsrecht hebben als bedoeld in art. 875 a vierde lid van het Burger­lijk Wetboek, kunnen, mits 72 uur voor aanvang van de  schriftelijk aangemeld en alleen na toestemming van het bestuur, op en van eigenaars worden toegelaten, doch hebben geen stemrecht en naar het oordeel van de voorzitter beperkt spreekrecht.

3.  In en van eigenaars wordt mondeling gestemd, tenzij de  schriftelijk stemming verlangt. Over  personen wordt schriftelijk­ gestemd, tenzij met meerderheid van stemmen wordt besloten dit bij handopsteken of middels stemkaarten te doen.

 

RESERVEFONDS/ VOORSCHOTBIJDRAGE

 

Artikel  4

1.  Er wordt een reservefonds gevormd voor Grootonderhoud.

2.  De te reserveren bedragen worden door de  van eigenaars ieder jaar vastgesteld, te beginnen in 1996.

3.  De rechten op het reservefonds, dat tot het vermogen van de vereniging van eigenaars behoort, gaan van rechtswege­ met het lidmaatschap van de vereniging bij vervreemding van het eigendom van het betreffende appartements­recht over op de verkrijger.

4.  De eigenaars zijn verplicht maandelijks bij vooruitbetaling een twaalfde van de jaarlijkse voorschotbijdrage aan de Vereniging te voldoen.

De eigenaars worden verzocht om voor de betaling een machtiging voor periodieke overboe­king aan hun bankrelatie te verstrekken dan wel voor zover mogelijk een incassomachtiging aan de Administrateur van de Vereniging te verstrekken.

5.  In de voorschotbijdragen zijn begrepen de z.g. servicekosten en de bijdragen aan het reserve­fonds.

 

EXPLOITATIEREKENING

 

Artikel  5

1.  De exploitatierekening zal mede bevatten een berekening van het reservefonds "Grootonder­houd".

2.  De opstelling door de administrateur/ het bestuur van hiervoor bedoelde exploitatierekening zal geschieden binnen twee maanden na afloop van het boekjaar. De vaststelling ervan door de ­ dient te geschieden voor 1 april daaropvolgend.

3.  Het boekjaar loopt van 1 januari tot en met 31 december.

Als eerste boekjaar zal gelden 1996.

4.  Bezittingen van de vereniging zullen worden gewaardeerd volgens goed koopmansgebruik. Eventuele op‑ of afwaarderin­gen kunnen uitsluitend­ geschieden na een daartoe strekkend besluit van de  van eigenaars.

5.  Opwaarderingen komen ten gunste van het reservefonds Grootonderhoud. Afwaarderingen komen ten laste van de exploitatierekening.

6.  Schulden en verplichtingen van de vereniging worden gewaardeerd op hun nominale waarde.


VERPLICHTINGEN EIGENAREN

 

Artikel  6

1.  Als men eigenaar wordt van een appartement en/ of garage is men verplicht de in art. 875 p, alinea 2 van het Burgerlijk­ Wetboek vereiste mededeling te doen aan het bestuur van de vereniging van eigenaars.

2.  Men is tevens verplicht tot het verstrekken van de volgende gegevens :

naam en volledig adres van de eigenaar.

namen van de bewoners van het appartement.

3.  Ieder eigenaar is gehouden het HR in acht nemen.

De eigenaar blijft evenwel te allen tijde volledig en hoofdelijk aansprakelijk, ook bij het in gebruik geven aan derden van zijn appartement (met of zonder titel) en zo ook bij het in beheer geven aan derden, onverminderd de aansprakelijk­heid van de derde.­

4.  De bepalingen van dit reglement zijn van kracht vanaf de dag van hun vaststelling en verbindend voor alle eigenaars­ en gebrui­kers. Voor nieuwe eigenaars en gebruikers­ zijn zij verbindend vanaf de dag van hun verkrij­ging in eigendom of gebruik.

5.  De eigenaar die vervreemdt, verhuurt en dergelijke wordt geacht voor de vervreemding, verhuring en dergelijke de nieuwe eigenaar­ of huurder en dergelijke hiervan op de hoogte te hebben gesteld en een exemplaar van het tweede deel (vanaf artikel 9) van dit HR ter hand te hebben gesteld en voor akkoord te hebben laten tekenen. Bij niet naleving hiervan blijft vervreemder of verhuurder en dergelijke hoofdelijk aansprakelijk voor de gevolgen.

 

Artikel  7

1.  In verband met noodsituaties is iedere eigenaar of gebruiker verplicht het bestuur een adres binnen de gemeente Oostburg te verstrekken waar zijn huissleutel beschikbaar is.

2.  Er wordt van die sleutel slechts gebruik gemaakt in noodsituaties en dan nog in het bijzijn van minstens twee medebewoners of een bestuurslid, dan wel politie of brandweer.

3.  Indien een eigenaar of gebruiker heeft nagelaten een sleuteladres aan het bestuur te verstrekken, is hij persoonlijk aansprakelijk voor schade die daaruit kan voortvloeien.

 

Artikel  8

1.  De eigenaren en gebruikers van het appartement zijn verplicht hun appartementen uitslui­tend en alleen te gebruiken­ als woon­ruim­te.

2.  Het vestigen en/ of uitoefenen van handel, nering of een bedrijf in het appartementengebouw is verboden.

 

HET GEBRUIK VAN HET APPARTEMENTENGEBOUW SCALDIA

 

Artikel  9  (ALGEMEEN)

1.  De beplante gedeelten van het terrein rond het gebouw dienen te worden gerespecteerd en mogen niet worden betreden, behalve­ voor het verrichten van door het bestuur nodig geacht of toegestane werkzaamheden.

2.  Het bij het gebouw behorende terrein is tot gemeenschappelijk gebruik van alle bewoners bestemd. Het is niet geoorloofd buiten de eventueel door het bestuur speciaal daartoe aangewe­zen gedeelten motorvoertuigen, fietsen of andere voertuigen te parkeren, te wassen en te repareren.

3.  Op het bij het gebouw behorende terrein mogen geen afvalstoffen en ‑ behalve op daartoe door het bestuur eventueel­ aan te wijzen plaatsen ‑ geen voedsel voor dieren worden gedeponeerd.

4.  Het is verboden voorraden van brandbare vloeistoffen of gassen of van explosieve stoffen te bewaren in het gebouw,­ waar dan ook.

5.    Het is verboden vet‑ en/ of olieresten alsmede stoffen die schadelijk zijn voor het milieu, via het afvoersysteem in het riool te doen terechtkomen.

 

6.    Personen die komen venten, leuren, collecteren, enquêteren of getuigen van hun geloof en hun activiteiten tot meer dan één bewoner­ uitstrekken, hebben daarvoor­ geen toestemming. Het bestuur zal dit door middel van een aangebrachte mededeling bij de ingang kenbaar maken.

 

7.  De gebruiker is verplicht het plaatsen van steigerwerk en het betreden van balkons en terrassen, door personeel belast met reiniging en onderhoud van de gevels, daken, puien en ruiten, toe te staan.

8.  Aan de centrale afzuiginstallatie respectievelijk aan de afzuigventielen, aanwezig in keuken, badkamer en toilet(ten), mogen geen aansluitingen van een mechanische afzuigkap of anderszins worden aangebracht.

Storingen of gebreken aan de installatie, hierdoor veroorzaakt, worden voor rekening van de betreffende gebruiker hersteld.

9.  In verband met de zich in de dekvloer bevindende leidingen van water, elektra, gas en van de centrale verwarming is het niet toegestaan om in de vloer te timmeren of te boren.

 

Artikel  10  (HUISVUIL)

1.  Huisvuil en ander afval dient ordelijk in de daarvoor bestemde (container)ruimten te worden geplaatst op de daarvoor aangewezen plaatsen.

2.  Huisvuil, zoals b.v. koffiedik en kattenbakvullingen, dient dusdanig verpakt te worden dat het niet

door (kapotte) huisvuilzakken/ dozen kan lekken.

 

Artikel  11  (GEMEENSCHAPPELIJKE RUIMTES)

1.  Het bestuur kan omtrent het gebruik van de gemeenschappelijke gangen en trappen, de liften en andere voor gemeenschappelijk­ gebruik bestemde ruimten nadere orderregels vaststellen en lijsten van deze regels op daarvoor in aanmerking komende plaatsen aanbren­gen.

2.  De gemeenschappelijke ruimten mogen nimmer worden gebruikt voor opslag van materialen, afval etc.

3.  Alle deuren, zowel de buitendeuren van het gebouw, de buitendeuren van appartementen, de deuren van de garages, en de (eventuele) deuren van de containerruimten dienen normaal gesloten te blijven.

4.  Uit veiligheidsoverwegingen is het de bewoners niet toegestaan op verzoek van onbekenden deuren te openen, welke toegang kunnen geven hetzij tot de gemeenschap­pelijke ruimten, hetzij tot de privé‑ruimten.

5.  Zonder toestemming van het bestuur is het verboden affiches, reclamebil­jetten en andere bood­schapuit­dragende berichtgevingen te plaatsen of te hangen in de  gemeenschappelijke ruimtes.

6.  Het is niet toegestaan folders en kranten op de brievenkasten of in de openbare ruimtes te deponeren.

7.  De bewoners mogen in de hal (bellentableau en brievenbussen) en bij de voordeuren van de appartementen slechts naambord­jes aanbren­gen volgens­ een door het bestuur vastgesteld uniform model. Deze naamplaatjes kunnen worden besteld bij het bestuur/ de administrateur en worden door de Vereniging betaald.

8.  Liften dienen slechts gebruikt te worden voor het vervoer van personen. Het vervoer van goederen is toegestaan na vooraf verkregen toestemming van het bestuur, hetwelk aan deze toestemming voorwaar­den kan verbinden.

9.  De maximale belasting van de liften mag niet worden overschreden.

Bij brand mogen de liften niet gebruikt worden.

10. Het is verboden zich in badkleding in de gemeenschappelijke gedeelten, waaronder de liften, te begeven.

11. De liften dienen niet gebruikt te worden voor het transport van fietsen, buitenboordmotoren of anderszins.

12. Fietsen, bromfietsen etc. dienen in de garage, stalling of t.z.t. in de fietsenrekken geplaatst te worden.

13. Garages mogen slechts gebruikt worden als stalling voor auto's, motorfiet­sen, fietsen, bromfietsen e.d.

14. Het is slechts na schriftelijke toestemming van het bestuur toegestaan energieverbruikende apparatuur in de garages te plaatsen.  

15. Auto's dienen niet onbeheerd in de gangen van de parkeergarage achterge­laten te worden, doch geparkeerd te worden op het parkeerterrein of in de individuele garageboxen.

16. Het is kinderen beneden de 12 jaar verboden zich op te houden in de parkeergarage zonder begeleiding van minstens één volwasse­ne.

17. Het bestuur regelt de verlichting van de gemeenschappelijke gedeelten van het gebouw en de

verlichting van het terrein.

18. Het is verboden brandslangen voor een ander doel te gebruiken, dan waarvoor zij zijn aange­schaft.

19. Het plaatsen van kasten, bloemen, planten en andere voorwerpen in een gemeenschappelijke ruimte is toegestaan, mits dit geen beschadigin­gen aan muren en dergelijke tot gevolg heeft en geen overlast voor de medebewoners en/ of gebruikers kan opleveren. Deze voorwerpen mogen geen belemmering­ opleveren in eventuele­ vluchtroutes i.v.m. brand en/ of andere noodsituaties.

20. De trappenhuizen dienen vrij te blijven van obstakels welke in geval van nood een directe doorgang belemmeren.

21. Het is verboden de daken te betreden of zich toegang te verschaffen tot de kastruimten voor gemeenschappelij­ke voorzieningen zonder toestemming van het bestuur.

22. De eigenaar of gebruiker die verantwoordelijk is voor extra vervuiling door huisdieren, huisvuil, materiaalver­voer of anderszins,­ dient onmiddellijk maatregelen te treffen teneinde dit vuil direct te (doen) verwijderen, ongeacht de door het bestuur te treffen maatregelen voor het onderhoud van de gemeenschappelijke ruimten.

23. Het is niet toegestaan dat gerookt wordt in de gemeenschappelijke ruimten, Het bestuur draagt er zorg voor, dat door middel van stickers of anderszins bezoekers hierop gewezen wordt.

24. Auto's voorzien van een LPG-installatie zijn in de garage niet toegestaan.

 

Artikel  12  (BALKONS)

1.  Het aanbrengen dan wel zich laten bevinden, op welke wijze dan ook, van voorwerpen (waaronder mede begrepen vlaggenstok­ken, vlaggen, gevelantennes, waaronder ook schotelantennes) aan de buitenzijde van de balkons en/ of ramen is niet toegestaan.

2.  De balkons dienen slechts als recreatieruimten en niet als opslagplaats of berging.

3.  Het is niet toegestaan op balkons buitenboordmotoren of anderszins schoon te spuiten.

4.  Het hangen van wasgoed, beddengoed en dergelijke op de balkons is toegestaan en wel zoda­nig, dat het wasgoed e.d. niet uitkomt buiten de balustrade.

5.    Het is niet toegestaan ruiten van de appartementen te beplakken, dan wel op andere wijze

     ondoor­zichtbaar­ te maken.

Het aanbrengen van zonneschermen en rolluiken is alleen na uitdrukkelijke toestemming van het bestuur toegestaan. De zonwering voor alle appartementen dient qua kleur en soort uniform te zijn en te blijven.

     Let op! Aangebrachte zonneschermen, windschermen en/ of rolluiken vallen NIET onder de verzekeringen van welke aard dan ook, ten name van de gezamenlijke eigenaars, dan wel van de Vereniging van Eigenaars.

7.  Het houden van huisdieren op de balkons is niet toegestaan.

8.  Het is verboden op de balkons of terrassen te barbecuen

 

Artikel  13  (HUISDIEREN)

1.  Huisdieren mogen in de gemeenschappelijke ruimten van het gebouw niet loslopen. Zij dienen of kort aangelijnd te zijn of te worden gedragen.

2.  Huisdieren die bij een eventuele vlucht uit een privé-gedeelte gevaar kunnen opleveren voor medebewoners, zijn niet toegestaan.

3.  Iedere eigenaar draagt er zorg voor dat door zijn huisdier(en) geen extra vervuiling van de liften en de gemeenschappelijke ruimten veroorzaakt wordt.

4.  Degene die bezoek ontvangt van mensen die huisdieren bij zich hebben, dienen dat bezoek te wijzen op het in dit artikel­ gestelde. De eigenaar of gebruiker is  verantwoordelijk voor het gedrag van dat bezoek.

5.  Onnodig geluid, voorgebracht door huisdieren (m.n. blaffende honden), op balkons en terrassen dient vermeden te worden.

6.  Indien een eigenaar zijn privé-gedeelte verhuurt, dient hij in de huurovereenkomst op te nemen dat het (onder)huurders niet is toegestaan huisdieren mee te nemen c.q. in het appartement te houden.

 

Artikel  14  (AANSPRAKELIJKHEID)

1.  Indien men in of aan zijn appartement werkzaamheden laat verrichten, blijft de opdrachtge­ver ten opzichte van de vereniging­ van eigenaars volledig verantwoordelijk, onvermin­derd de aansprake­lijkheid van de uitvoerder.

2.  De eigenaar of gebruiker is aansprakelijk voor alle schade die door hem of zijn huisgenoten aan het gebouw wordt  toegebracht.­ De eigenaar of gebruiker is ook aansprakelijk voor alle schade toegebracht door personen of dieren, die door de eigenaar of gebruikers tot het gebouw zijn toegelaten of er op diens uitnodiging verblijven.

 

Artikel  15  (WOONGENOT)

Tijdens de bouw wordt op de vloeren een isolatielaag aangebracht. Bij gebruik van stenen (plavuizen) vloeren, parketvloe­ren en dergelijke is het ten sterkste aan te raden  extra isolatie aan te brengen teneinde overlast voor andere bewoners te voorkomen.

2.  Het voortbrengen van muziek en het gebruik van geluidsapparatuur in het appartementen­gebouw dient slechts op zodanige­ wijze te geschieden, dat dit niet hinderlijk hoorbaar is.

3.  Het is slechts beperkt toegestaan werkzaamheden uit te (laten) voeren met gebruikmaking van boren, hamers en andere werktuigen,­ welke hinderlijk lawaai veroorzaken voor de overige bewoners. Deze werkzaamheden zijn toegestaan op maandag tot en met vrijdag tussen 09.00 uur en 18.00 uur en op zaterdag tussen 10.00 uur en 18.00 uur. Op zon‑ en feestdagen is dit helemaal niet toegestaan.

4.  Het uitkloppen of uitschudden van tafelkleden, vloerkleden e.d. over de balustrades van de balkons is niet toegestaan.

5.  Het is niet toegestaan vanuit de appartementen of gemeenschappelijke gedeelten vogels te voederen.

 

Artikel  16  (STORINGEN EN ONDERHOUD)

Storingen of beschadigingen van liften en gemeenschappelijke installaties, alsmede gebreken en beschadi­gingen van het gebouw en gemeenschappelijke  voorzieningen, dienen onverwijld bij het bestuur gemeld te worden.

2.  Noch de gezamenlijke eigenaars als zodanig, noch de vereniging van eigenaars zijn aanspra­kelijk voor enige schade, door welke oorzaak dan ook ontstaan, toegebracht­ aan  personen en/ of zaken in de gemeenschappelij­ke gedeelten van het gebouw en daarbuiten.

 

Artikel  17  (VERBOUWINGEN EN VERGUNNINGEN)

1. In ons gebouw vinden geregeld grote en kleine verbouwingen plaats. Het gebeurt dat deze niet of achteraf aan het bestuur gemeld worden. Het is in uw aller belang dat het bestuur elke verbouwing binnen of aan de buitenkant van het gebouw kritisch bekijkt en dat er zonder toestemming vooraf van het bestuur niet verbouwd mag worden.
2. Indien u wilt verbouwen zult u dus allereerst het bestuur schriftelijk op de hoogte moeten brengen. Aan het verzoek dienen de volgende bescheiden te worden toegevoegd: Tekeningen en berekeningen, Plan van aanpak en een Verklaring van geen bezwaar van alle bewoners c.q. eigenaren die eventueel last of bezwaren zouden kunnen maken.
3. In het Plan van Aanpak dient minimaal beschreven te worden: de tijdsduur van de verbouwing, een logistiek plan met aan- en afvoerwegen van nieuwe en vrijkomende materialen, eventueel het aantal en opstelling van bouw- en afvalcontainers, toiletten en opslagplaatsen.
4. Indien er toestemming nodig is van de Gemeentelijke Dienst Bouw- en Woningtoezicht [BoWoToj zult u die aan het bestuur moeten overleggen.
5. Het bestuur kan aan de aanvrager eisen dat hij zijn verbouwing aan BoWoTo voorlegt.
6. Het bestuur gaat er van uit dat de aanvrager voor wat betreft de eventuele vergunningen de wet volgt.
7. Het bestuur kan bij veranderingen aan dragende muren opdracht geven tot een “second opinion” van de constructieberekeningen. De kosten zijn voor de verbouwer.
8. In een bestuursvergadering zullen de plannen aan het oordeel van het bestuur onderworpen worden. De aanvrager krijgt een schriftelijk antwoord.
9. Het accent van de beoordeling van een bouwaanvrage zal liggen op de volgende items: wordt de constructie van het gebouw veranderd, wordt het buitenaanzicht veranderd en welke overlast voor de andere bewoners is er te verwachten?
10. De huismeester heeft, ter controle van de verbouwing, toegang tot het te verbouwen appartement.
11. De werkzaamheden moeten plaats vinden op werkdagen tussen 08.30 uur en 17.00 uur.
12. Het is verboden om de toegangsdeur met een wigje te blokkeren. De deur moet na iedere passage dicht en op slot. Ook het blokkeren van de liften is niet toegestaan.
13. Het is verboden om voor het aan- en afvoeren van wat dan ook de nooddeur bij het kiezeldak van de garages te gebruiken.
14. Tevens is het van belang dat daar waar aan- en afvoerleidingen verlegd gaan worden het bestuur dat met behulp van tekeningen in het archief kan vastleggen zodat we later en misschien bij een nieuwe eigenaar nog van een en ander kennis hebben.
15. Maximaal 6 weken na het gereed komen van de verbouwing dienen tekeningen van de werkelijk uitgevoerde werkzaamheden met de juiste maatvoering aan het Bestuur overhandigd te worden
16. Na elke verbouwing moet de set constructieve tekeningen van ons gebouw geactualiseerd worden en wel op kosten van de verbouwer.
17. De verbouwer is aansprakelijk voor beschadigingen in de openbare ruimtes, o.a. aan en om de liften en het bestuur zal daarvoor een borgsom vaststellen.
18. Voor de verbouwing zal een “staat van onderhoud” opgemaakt worden.
19. De door de verbouwing veroorzaakte vervuiling van de openbare ruimten moet dagelijks opgeruimd en schoongemaakt worden.
20. Verbouwingen dienen te worden uitgevoerd door erkende bouwbedrijven aangesloten bij een
brancheorganisatie en dienen in het bezit te zijn van een C.A.R. (Constructie All Risk) verzekering met voldoende dekking om alle schade en eventuele gevolgen ten gevolge van de verbouwing af te dekken. Een kopie van dit verzekeringscertificaat dient voor aanvang van de werkzaamheden in het bezit te zijn van het bestuur.
21. Verder verwijzen wij naar artikel 9 tot 16 en verder vanaf pagina 24 van Het afschrift ener akte houdende ondersplitsing Scaldia, Port Scaldis. Eventueel kunt u die voor de verbouwing bij de Voorzitter inzien.
22. Daar waar deze regels niet voorzien zal het bestuur een beslissing nemen.

 

Artikel  18   (STROOMVERBRUIK IN DE GARAGES)

Het is toegestaan in de garage elektrische apparaten zoals b.v. vrieskisten te plaatsen. De eigenaar is verplicht dit aan de secretaris te melden.

In de algemene ledenvergadering van 27 juni 2008 is besloten dat bij de gebruiker 5,00 Euro in rekening zal worden gebracht, welke in de servicekosten zullen worden opgenomen.

 

SLOTBEPALINGEN

 

Artikel  19

1.  Elke bepaling in dit reglement, welke in strijd is met een bepaling der wet, of reglement van ondersplitsing, zonder dat hiervan rechtmatig is afgeweken, wordt voor niet geschreven gehouden.

2.  Zaken waarin het HR niet voorziet, zijn ter beoordeling van het bestuur.

3.  Iedere eigenaar of gebruiker is gehouden het reglement van splitsing en het HR in acht te nemen.

 

Artikel  20

     Het is mogelijk dat zaken tevens geregeld zijn in het Huishoudelijk Reglement van de VVE Parkeergarage en/ of VVE Port Scaldis. Elke bepaling in dit reglement, welke in strijd is met een bepaling uit een der genoemde andere huishoudelijke reglementen, en niet vallende onder de gemeenschappelij­ke zaken, behorende bij het appartementengebouw SCALDIA, wordt voor niet geschreven beschouwd.

 

Artikel  21

     Vaststellen tot wijziging van het HR kunnen schriftelijk worden ingediend door het bestuur of door minimaal drie eigenaars.

 

 

Terug naar boven

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Huishoudelijk Reglement V.V.E. Flandria

Zoals vastgesteld op 17 april 2014 door de vergadering van eigenaren

 

BEGRIPSBEPALINGEN

 

Artikel  1

 

1.    Voor dit huishoudelijk reglement gelden de begripsbepalingen van artikel 1 van de akte van splitsing.

2.    Waar dit van toepassing is in het huishoudelijk reglement dient voor de mannelijke vorm de vrouwelijke vorm gelezen te worden.

3.    In het huishoudelijk reglement (hierna HR te noemen) wordt verstaan onder:

Akte van splitsing: de akte van ondersplitsing, vastgesteld d.d. 23 maart 2012 ten overstaan van Mr. Imca Alma Loduvica Segers, notaris ter standplaats Terneuzen.

 

Bestuur            :    het bestuur van de vereniging van eigenaars als bedoeld in art. 41 lid van de akte van ondersplitsing.

Administrateur :    de (recht)perso(o)n, die het administratieve beheer van de vereniging van eigenaars voert.

Vergadering      :    de jaarlijkse vergadering als bedoeld in art. 33, van de akte van ondersplitsing, te houden minimaal 1 maal per kalenderjaar.

Verhuur            :    indien er in het HR gesproken wordt van verhuur, wordt hiermede niet bedoeld alleen de verhuur in de recreatieve sector.

Flandria           :    het appartementengebouw, kadastraal bekend als gemeente Oostburg, sectie L, nummer 1256 A appartementsindex 3, alsmede de onroerende goederen welke eventueel aan genoemd pand zullen worden toegevoegd.

 

 

HET BESTUUR

 

Artikel  2

 

1.    Het bestuur bestaat uit 5 leden.

2.    Benoeming van bestuursleden vindt plaats, hetzij op voordracht van het bestuur, hetzij op voordracht van één of meerdere leden van de vereniging. Laatstbedoelde voordracht moet tenminste 72 uur voor de aanvang van de vergadering schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend.

3.    De administrateur kan op uitnodiging van het bestuur vergaderingen van de vereniging, alsmede de en van het bestuur bij wonen en daarin het woord voeren. Hij heeft echter geen stemrecht.

4.    Het bestuur zal in onderling overleg een taakverdeling vaststellen.

5.    De vereniging wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd door de voorzitter, of, indien de meerderheid van de bestuursleden dit nodig acht, door de administrateur.

6.    De administrateur kan worden belast met uitvoerende taken van het bestuur. Hij voert tevens de boekhouding en de administratie van de vereniging.

7.    De administrateur is verplicht, indien hij zich als zodanig terugtrekt dan wel van zijn functie ontheven wordt, om zijn opvolger alle informatie te verstrekken welke nodig is voor een goede taakuitvoering als administrateur.

8.    De administrateur ontvangt voor de hierboven in lid 8 genoemde werkzaamheden een vergoeding, die ieder jaar op de Vergadering door de leden wordt vastgesteld.

9.    De leden van het bestuur krijgen, na goedkeuring door de voorzitter, de onkosten, die zij gemaakt hebben in het kader van bestuurswerkzaamheden vergoed.

10. Het bestuur verstrekt aan de Vergadering tenminste om de drie jaar een verslag van een deskundige betreffende de technische staat van het gebouw en de daarin aanwezige installaties.

11. Tijdens de Vergadering wordt door en uit de leden een commissie benoemd, die tot taak heeft de exploitatie en het beheer van de gelden en de bezittingen van de vereniging te controleren en op de eerstvolgende Vergadering de leden te vragen het bestuur te dechargeren.

 

 

VERGADERING VAN EIGENAREN

 

Artikel  3

 

1.    Een vergadering van eigenaars is toegankelijk voor leden, dan wel hun gemachtigden, die als zodanig voor aanvang van de schriftelijk aan de voorzitter bekend gemaakt worden en door hem erkend zijn.

2.    Bewoners, die geen appartementsrecht hebben als bedoeld in artikel 5:106 lid 4 BW, kunnen, mits 72 uur voor aanvang van de schriftelijk aangemeld en alleen na toestemming van het bestuur, op en van eigenaars worden toegelaten, doch hebben geen stemrecht en naar het oordeel van de voorzitter beperkt spreekrecht.

3.    In en van eigenaars wordt mondeling gestemd, tenzij de schriftelijk stemming verlangt. Over personen wordt schriftelijk gestemd, tenzij met meerderheid van stemmen wordt besloten dit bij handopsteken of middels stemkaarten te doen.

 

 

RESERVEFONDS/ VOORSCHOTBIJDRAGE

 

Artikel  4

 

1.    Er wordt een reservefonds gevormd voor Groot onderhoud.

2.    De te reserveren bedragen worden door de eigenaars ieder jaar vastgesteld, te beginnen in 2005.

3.    De rechten op het reservefonds, dat tot het vermogen van de vereniging van eigenaars behoort, gaan van rechtswege met het lidmaatschap van de vereniging bij vervreemding van het eigendom van het betreffende appartementsrecht over op de verkrijger.

4.    De eigenaars zijn verplicht maandelijks bij vooruitbetaling een twaalfde van de jaarlijkse voorschotbijdrage aan de Vereniging te voldoen. De eigenaars worden verzocht om voor de betaling een machtiging voor periodieke overboeking aan hun bankrelatie te verstrekken dan wel voor zover mogelijk een incassomachtiging aan de Administrateur van de Vereniging te verstrekken.

5.    In de voorschotbijdragen zijn begrepen de z.g. servicekosten en de bijdragen aan het reservefonds.

 

 

EXPLOITATIEREKENING

 

Artikel  5

 

1.    De exploitatierekening zal mede bevatten een berekening van het reservefonds "Groot onderhoud".

2.    De opstelling door de administrateur / het bestuur van hiervoor bedoelde exploitatierekening zal geschieden binnen twee maanden na afloop van het boekjaar. De vaststelling ervan dient te geschieden voor 1 april daaropvolgend.

3.    Het boekjaar loopt van 1 januari tot en met 31 december. Als eerste boekjaar zal gelden 2005/2006.

4.    Bezittingen van de vereniging zullen worden gewaardeerd volgens goed koopmansgebruik. Eventuele op of afwaarderingen kunnen uitsluitend geschieden na een daartoe strekkend besluit van de van eigenaars.

5.    Opwaarderingen komen ten gunste van het reservefonds Grootonderhoud. Afwaarderingen komen ten laste van de exploitatierekening.

6.    Schulden en verplichtingen van de vereniging worden gewaardeerd op hun nominale waarde.

 

 

VERPLICHTINGEN EIGENAREN

 

Artikel  6

 

1.    Als men eigenaar wordt van een appartement en/ of garage is men verplicht de in artikel 5:122 lid 2 BW vereiste mededeling te doen aan het bestuur van de vereniging van eigenaars.

2.    Men is tevens verplicht tot het verstrekken van de volgende gegevens:

naam en volledig adres van de eigenaar.

namen van de bewoners van het appartement.

3.    Ieder eigenaar is gehouden het HR in acht te nemen.

4.    De eigenaar blijft evenwel te allen tijde volledig en hoofdelijk aansprakelijk, ook bij het in gebruik geven aan derden van zijn appartement (met of zonder titel) en zo ook bij het in beheer geven aan derden, onverminderd de aansprakelijkheid van de derde.

5.    De bepalingen van dit reglement zijn van kracht vanaf de dag van hun vaststelling en verbindend voor alle eigenaars en gebruikers. Voor nieuwe eigenaars en gebruikers zijn zij verbindend vanaf de dag van hun verkrijging in eigendom of gebruik.

6.    De eigenaar die vervreemdt, verhuurt en dergelijke wordt geacht voor de vervreemding, verhuring en dergelijke de nieuwe eigenaar of huurder en dergelijke hiervan op de hoogte te hebben gesteld en een exemplaar van het tweede deel (vanaf artikel 9) van dit HR ter hand te hebben gesteld en voor akkoord te hebben laten tekenen. Bij niet naleving hiervan blijft vervreemder of verhuurder en dergelijke hoofdelijk aansprakelijk voor de gevolgen.

 

Artikel  7

 

1.    In verband met noodsituaties is iedere eigenaar of gebruiker verplicht het bestuur een adres binnen “Port Scaldis” (bijvoorbeeld bij de huismeester) te verstrekken waar zijn huissleutel beschikbaar is.

2.    Er wordt van die sleutel slechts gebruik gemaakt in noodsituaties en dan nog in het bijzijn van minstens twee medebewoners of een bestuurslid, dan wel politie of brandweer.

3.    Indien een eigenaar of gebruiker heeft nagelaten een sleuteladres aan het bestuur te verstrekken, is hij persoonlijk aansprakelijk voor schade die daaruit kan voortvloeien.

 

Artikel  8

 

1.    De eigenaren en gebruikers van het appartement zijn verplicht hun appartementen uitsluitend en alleen te gebruiken als woonruimte.

2.    Het vestigen en/ of uitoefenen van handel, nering of een bedrijf in het appartementengebouw is verboden. Voor een gebruik dat afwijkt van deze bestemming, wordt verwezen naar artikel 17 lid 4 van de splitsingsakte appartementengebouw Flandria te Breskens.

 

 

HET GEBRUIK VAN HET APPARTEMENTENGEBOUW FLANDRIA

 

Artikel  9  (ALGEMEEN)

 

1.    De beplante gedeelten van het terrein rond het gebouw dienen te worden gerespecteerd en mogen niet worden betreden, behalve voor het verrichten van door het bestuur nodig geacht of toegestane werkzaamheden.

2.    Het bij het gebouw behorende terrein is tot gemeenschappelijk gebruik van alle bewoners bestemd. Het is niet geoorloofd buiten de eventueel door het bestuur speciaal daartoe aangewezen gedeelten motorvoertuigen, fietsen of andere voertuigen te parkeren, te wassen en te repareren.

3.    Op het bij het gebouw behorende terrein mogen geen afvalstoffen en behalve op daartoe door het bestuur eventueel aan te wijzen plaatsen geen voedsel voor dieren worden gedeponeerd.

4.    Het is verboden voorraden van brandbare vloeistoffen of gassen of van explosieve stoffen te bewaren in het gebouw, waar dan ook.

5.    Het is verboden vet en/ of olieresten alsmede stoffen die schadelijk zijn voor het milieu, via het afvoersysteem in het riool te doen terechtkomen.

6.    Personen die komen venten, leuren, collecteren, enquêteren of getuigen van hun geloof en hun activiteiten tot meer dan één bewoner uitstrekken, hebben daarvoor geen toestemming. Het bestuur zal dit door middel van een aangebrachte mededeling bij de ingang kenbaar maken.

7.    De gebruiker is verplicht het plaatsen van steigerwerk en het betreden van balkons en terrassen, door personeel belast met reiniging en onderhoud van de gevels, daken, puien en ruiten, toe te staan.

8.    Aan de centrale afzuiginstallatie respectievelijk aan de afzuigventielen, aanwezig in keuken, badkamer en toilet(ten), mogen geen aansluitingen van een mechanische afzuigkap of anderszins worden aangebracht.

9.    Storingen of gebreken aan de installatie, hierdoor veroorzaakt, worden voor rekening van de betreffende gebruiker hersteld.

10. In verband met de zich in de dekvloer bevindende leidingen van water, elektra, gas en van de centrale verwarming is het niet toegestaan om in de vloer te timmeren of te boren.

 

Artikel  10  (HUISVUIL)

 

1.    Huisvuil en ander afval dient ordelijk in de daarvoor bestemde (container)ruimten te worden geplaatst op de daarvoor aangewezen plaatsen.

2.    Huisvuil, zoals b.v. koffiedik en kattenbakvullingen, dient dusdanig verpakt te worden dat het niet door (kapotte) huisvuilzakken/ dozen kan lekken.

 

Artikel  11  (GEMEENSCHAPPELIJKE RUIMTES)

 

1.    Het bestuur kan omtrent het gebruik van de gemeenschappelijke gangen en trappen, de liften en andere voor gemeenschappelijk gebruik bestemde ruimten nadere order regels vaststellen en lijsten van deze regels op daarvoor in aanmerking komende plaatsen aanbrengen.

2.    De gemeenschappelijke ruimten mogen nimmer worden gebruikt voor opslag van materialen, afval etc.

3.    Alle deuren, zowel de buitendeuren van het gebouw, de buitendeuren van appartementen, de deuren van de garages, en de (eventuele) deuren van de containerruimten dienen normaal gesloten te blijven.

4.    Uit veiligheidsoverwegingen is het de bewoners niet toegestaan op verzoek van onbekenden deuren te openen, welke toegang kunnen geven hetzij tot de gemeenschappelijke ruimten, hetzij tot de privéruimten.

5.    Zonder toestemming van het bestuur is het verboden affiches, reclamebiljetten en andere boodschap uitdragende berichtgevingen te plaatsen of te hangen in de gemeenschappelijke ruimtes.

6.    Het is niet toegestaan folders en kranten op de brievenkasten of in de openbare ruimtes te deponeren.

7.    De bewoners mogen in de hal (bellentableau en brievenbussen) en bij de voordeuren van de appartementen slechts naambordjes aanbrengen volgens een door het bestuur vastgesteld uniform model. Deze naamplaatjes kunnen worden besteld bij het bestuur/ de administrateur en worden door de Vereniging betaald.

8.    Liften dienen slechts gebruikt te worden voor het vervoer van personen. Het vervoer van goederen is toegestaan na vooraf verkregen toestemming van het bestuur, hetwelk aan deze toestemming voorwaarden kan verbinden. Verhuizingen zijn hierop uitgezonderd.

9.    De maximale belasting van de liften mag niet worden overschreden.

10. Bij brand mogen de liften niet gebruikt worden.

11. Het is verboden zich in badkleding in de gemeenschappelijke gedeelten, waaronder de liften, te begeven.

12. De liften dienen niet gebruikt te worden voor het transport van fietsen, buitenboordmotoren of anderszins.

13. Fietsen, bromfietsen etc. dienen in de garage, stalling of t.z.t. in de fietsenrekken geplaatst te worden.

14. Garages mogen slechts gebruikt worden als stalling voor auto's, motorfietsen, fietsen, bromfietsen e.d.

15. Het is slechts na schriftelijke toestemming van het bestuur toegestaan energieverbruikende apparatuur in de garages te plaatsen (zie hiervoor artikel 17 van het Huishoudelijk Reglement).

16. Auto's dienen niet onbeheerd in de gangen van de parkeergarage achtergelaten te worden, doch geparkeerd te worden op het parkeerterrein of in de individuele garageboxen.

17. Het is kinderen beneden de 12 jaar verboden zich op te houden in de parkeergarage zonder begeleiding van minstens één volwassene.

18. Het bestuur regelt de verlichting van de gemeenschappelijke gedeelten van het gebouw en de verlichting van het terrein.

19. Het is verboden brandslangen voor een ander doel te gebruiken, dan waarvoor zij zijn aangeschaft.

20. Het plaatsen van kasten, bloemen, planten en andere voorwerpen in een gemeenschappelijke ruimte is toegestaan, mits dit geen beschadigingen aan muren en dergelijke tot gevolg heeft en geen overlast voor de medebewoners en/ of gebruikers kan opleveren, mits na overleg met het bestuur. Deze voorwerpen mogen geen belemmering opleveren in eventuele vluchtroutes i.v.m. brand en/ of andere noodsituaties.

21. De trappenhuizen dienen vrij te blijven van obstakels welke in geval van nood een directe doorgang belemmeren.

22. Het is verboden de daken te betreden of zich toegang te verschaffen tot de kastruimten voor gemeenschappelijke voorzieningen zonder toestemming van het bestuur.

23. De eigenaar of gebruiker die verantwoordelijk is voor extra vervuiling door huisdieren, huisvuil, materiaalvervoer of anderszins, dient onmiddellijk maatregelen te treffen teneinde dit vuil direct te (doen) verwijderen, ongeacht de door het bestuur te treffen maatregelen voor het onderhoud van de gemeenschappelijke ruimten.

24. Het is niet toegestaan dat gerookt wordt in de gemeenschappelijke ruimten, Het bestuur draagt er zorg voor, dat door middel van stickers of anderszins bezoekers hierop gewezen wordt.

25. Auto's voorzien van een LPG-installatie zijn in de garage niet toegestaan.

26. Verhuizingen, zowel van diegenen die hun appartement gaan verlaten als gaan bewonen, dienen vooraf gemeld te worden aan de huismeester. De huismeester zal vóór en ná de feitelijke verhuizing referentiemetingen uitvoeren van de  gemeenschappelijke ruimtes om zo het eventuele schadeprofiel ten gevolge van de verhuizing vast te stellen.

27. De eigenaar of gebruiker, die de schade aan de gemeenschappelijke ruimtes veroorzaakt, is ook aansprakelijk voor deze schade en derhalve ook voor de kosten van herstel.

 

 

Artikel  12  (BALKONS)

 

1.    Het aanbrengen dan wel zich laten bevinden, op welke wijze dan ook, van voorwerpen (waaronder mede begrepen vlaggenstokken, vlaggen, gevelantennes, waaronder ook schotelantennes) aan de buitenzijde van de balkons en/of ramen is niet toegestaan. Vlaggen zijn uitsluitend toegestaan aan de landzijde, aan de voorgevel, 1.5 meter van de balkonvlonder met een maximale stoklengte van 2 meter. Het moet een Nederlandse vlag zijn en de kleur van de mast en de bevestiging moet wit zijn.

2.    De balkons dienen slechts als recreatieruimten en niet als opslagplaats of berging.

3.    Het is niet toegestaan op balkons buitenboordmotoren of anderszins schoon te spuiten.

4.    Het hangen van wasgoed, beddengoed en dergelijke op de balkons is toegestaan en wel zodanig, dat het wasgoed e.d. niet uitkomt buiten de balustrade.

5.    Het is niet toegestaan ruiten van de appartementen te beplakken, dan wel op andere wijze ondoorzichtbaar te maken.

6.    Het aanbrengen van zonneschermen en rolluiken is alleen na uitdrukkelijke toestemming van het bestuur toegestaan. De zonwering voor alle appartementen dient qua kleur en soort uniform te zijn en te blijven.

Let op! Aangebrachte zonneschermen, windschermen en/ of rolluiken vallen NIET onder de verzekeringen van welke aard dan ook, ten name van de gezamenlijke eigenaars, dan wel van de Vereniging van Eigenaars.

7.    Het houden van huisdieren op de balkons is niet toegestaan.

8.    Het is verboden op de balkons of terrassen te barbecueën

 

Artikel  13  (HUISDIEREN)

 

1.    Huisdieren mogen in de gemeenschappelijke ruimten van het gebouw niet loslopen. Zij dienen of kort aangelijnd te zijn of te worden gedragen.

2.    Huisdieren die bij een eventuele vlucht uit een privégedeelte gevaar kunnen opleveren voor medebewoners, zijn niet toegestaan.

3.    Iedere eigenaar draagt er zorg voor dat door zijn huisdier(en) geen extra vervuiling van de liften en de gemeenschappelijke ruimten veroorzaakt wordt.

4.    Degene die bezoek ontvangt van mensen die huisdieren bij zich hebben, dienen dat bezoek te wijzen op het in dit artikel gestelde. De eigenaar of gebruiker is  verantwoordelijk voor het gedrag van dat bezoek.

5.    Onnodig geluid, voorgebracht door huisdieren (m.n. blaffende honden), op balkons en terrassen dient vermeden te worden.

6.    Indien een eigenaar zijn privégedeelte verhuurt, dient hij in de huurovereenkomst op te nemen dat het (onder)huurders niet is toegestaan huisdieren mee te nemen c.q. in het appartement te houden.

 

Artikel  14  (AANSPRAKELIJKHEID)

 

1.    Indien men in of aan zijn appartement werkzaamheden laat verrichten, blijft de opdrachtgever ten opzichte van de vereniging van eigenaars volledig verantwoordelijk, onverminderd de aansprakelijkheid van de uitvoerder.

2.    De eigenaar of gebruiker is aansprakelijk voor alle schade die door hem of zijn huisgenoten aan het gebouw wordt toegebracht. De eigenaar of gebruiker is ook aansprakelijk voor alle schade toegebracht door personen of dieren, die door de eigenaar of gebruikers tot het gebouw zijn toegelaten of er op diens uitnodiging verblijven.

 

Artikel  15  (WOONGENOT)

 

1.    Tijdens de bouw wordt op de vloeren een isolatielaag aangebracht. Bij gebruik van stenen (plavuizen)vloeren, parketvloeren en dergelijke is het ten sterkste aan te raden extra isolatie aan te brengen teneinde overlast voor andere bewoners te voorkomen.

2.    Het voortbrengen van muziek en het gebruik van geluidsapparatuur in het appartementengebouw dient slechts op zodanige wijze te geschieden, dat dit niet hinderlijk hoorbaar is.

3.    Het is slechts beperkt toegestaan werkzaamheden uit te (laten) voeren met gebruikmaking van boren, hamers en andere werktuigen, welke hinderlijk lawaai veroorzaken voor de overige bewoners. Deze werkzaamheden zijn toegestaan op maandag tot en met vrijdag tussen 09.00 uur en 18.00 uur en op zaterdag tussen 10.00 uur en 18.00 uur. Op zon- en feestdagen is dit helemaal niet toegestaan.

4.    Het uitkloppen of uitschudden van tafelkleden, vloerkleden e.d. over de balustrades van de balkons is niet toegestaan.

5.    Het is niet toegestaan vanuit de appartementen of gemeenschappelijke gedeelten vogels te voederen.

 

Artikel  16  (STORINGEN, ONDERHOUD, VERBOUWINGEN EN VERGUNNINGEN)

 

1.    Storingen of beschadigingen van liften en gemeenschappelijke installaties, alsmede gebreken en beschadigingen van het gebouw en gemeenschappelijke  voorzieningen, dienen onverwijld bij het bestuur gemeld te worden.

2.    Noch de gezamenlijke eigenaars als zodanig, noch de vereniging van eigenaars zijn aansprakelijk voor enige schade, door welke oorzaak dan ook ontstaan, toegebracht aan personen en/of zaken in de gemeenschappelijke gedeelten van het gebouw en daarbuiten.

3.    Indien een eigenaar in zijn appartement aanpassingen wil doen of wil verbouwen, dan dient hij dit altijd aan het bestuur te melden. Afhankelijk van de aard van de aanpassing of de verbouwing kan het bestuur besluiten dat een uitgebreid schriftelijk verzoek ingediend moet worden. Aan het verzoek dienen de volgende bescheiden te worden toegevoegd:

a.  Plan van aanpak,

b.  Tekeningen en berekeningen,

c.  Verklaring van geen bezwaar van alle bewoners c.q. eigenaren die eventueel last of bezwaren zouden kunnen hebben.

4.    In het Plan van Aanpak dient tenminste beschreven te worden:

a.  De tijdsplanning van de verbouwing,

b.  Een logistiek plan met aan- en afvoerwegen van nieuwe en vrijkomende materialen,

c.  (indien van toepassing) het aantal en opstelling van bouw- en afvalcontainers, toiletten en opslagplaatsen.

5.    Indien er toestemming nodig is van de gemeentelijke dienst Bouw- en Woningtoezicht [BoWoTo] zal de eigenaar die toestemming aan het bestuur moeten overleggen.

6.    Het bestuur kan van de eigenaar eisen dat hij zijn verbouwing aan BoWoTo voorlegt.

7.    Het bestuur kan bij eventuele veranderingen aan dragende muren opdracht geven tot een “second opinion” van de constructieberekeningen. De kosten zijn voor de eigenaar.

8.    In een bestuursvergadering worden de plannen beoordeeld op de volgende items:

a.  wordt de constructie van het gebouw veranderd,

b.  wordt het buitenaanzicht veranderd,

c.  welke overlast is er voor de andere bewoners.

9.    De beslissing van het bestuur zal schriftelijk worden meegedeeld.

10. De huismeester heeft, ter controle van de verbouwing, toegang tot het te verbouwen appartement.

11. De werkzaamheden moeten plaats vinden op werkdagen tussen 08.00 uur en 17.00 uur.

12. Het is verboden om de toegangsdeur met een wig te blokkeren. De deur moet na iedere passage gesloten worden. Het blokkeren van de liften is eveneens niet toegestaan.

13. Het is verboden om voor het aan- en afvoeren van materialen het kiezeldak van de garages te gebruiken.

14. Maximaal 6 weken na het gereed komen van de verbouwing dienen tekeningen van de werkelijk uitgevoerde werkzaamheden met de juiste maatvoering, inclusief de eventueel verlegde aan- en afvoerleidingen, aan het bestuur overhandigd te worden.

15. Na elke verbouwing moet de set constructieve tekeningen van het gebouw geactualiseerd worden en wel op kosten van de verbouwer.

16. De eigenaar is aansprakelijk voor beschadigingen in de openbare ruimtes, o.a. aan en om de liften; het bestuur zal daarvoor een borgsom vaststellen.

17. Voor de verbouwing zal een “staat van onderhoud” opgemaakt worden.

18. De tijdens de verbouwing ontstane vervuiling van de openbare ruimten moet dagelijks opgeruimd en schoongemaakt worden.

19. Verbouwingen dienen te worden uitgevoerd door erkende bouwbedrijven aangesloten bij een brancheorganisatie en dienen in het bezit te zijn van een C.A.R. (Constructie All Risk) verzekering met voldoende dekking om alle schade en eventuele gevolgen ten gevolge van de verbouwing af te dekken. Een kopie van dit verzekeringscertificaat dient voor aanvang van de werkzaamheden in het bezit te zijn van het bestuur.

20. Daar waar deze regels niet voorzien zal het bestuur een beslissing nemen.

 

Artikel  17 (STROOMVERBRUIK IN DE GARAGES)

 

1.    Het is toegestaan in de garage elektrische witgoedapparatuur zoals vrieskisten, koelkasten en drogers/vochtvreters te plaatsen. De eigenaar is verplicht dit aan de secretaris te melden. Het is niet toegestaan elektrische auto’s op te laden in de garages: de capaciteit van het in de garages geïnstalleerde elektrische net is daarvoor niet toereikend.

2.    Bij de eigenaar van de garage zal voor de elektrische apparatuur per maand een forfaitair bedrag van € 5,-- per maand in rekening worden gebracht, dat via de servicekosten zal worden geïnd. De hoogte van dat bedrag wordt afgesproken met het Bestuur en is afhankelijk van de geïnstalleerde apparatuur.

3.    Mocht de eigenaar een gecertificeerde elektriciteitsmeter in zijn garage willen installeren, dan zal de werkelijk verbruikte energie jaarlijks in rekening worden gebracht.

4.    Eigenaars die elektrische apparaten in hun garages plaatsen en gebruiken en dat niet melden, evenals eigenaars die een elektrische auto in hun garage opladen, riskeren een door het Bestuur op te leggen boete van 150 Euro per overtreding.

 

 

SLOTBEPALINGEN

 

Artikel  18

 

1.    Elke bepaling in dit reglement, welke in strijd is met een bepaling der wet, of reglement van ondersplitsing, zonder dat hiervan rechtmatig is afgeweken, wordt voor niet geschreven gehouden.

2.    Zaken waarin het HR niet voorziet, zijn ter beoordeling van het bestuur.

3.    Iedere eigenaar of gebruiker is gehouden het reglement van splitsing en het HR in acht te nemen.

 

Artikel  19

 

Het is mogelijk dat zaken tevens geregeld zijn in het Huishoudelijk Reglement van de VVE Parkeergarage en/ of VVE Port Scaldis. Elke bepaling in dit reglement, welke in strijd is met een bepaling uit een der genoemde andere huishoudelijke reglementen, en niet vallende onder de gemeenschappelijke zaken, behorende bij het appartementengebouw FLANDRIA, wordt voor niet geschreven beschouwd.

 

Artikel  20

Voorstellen tot wijziging van het HR kunnen schriftelijk worden ingediend door het bestuur of door minimaal drie eigenaars.

 

 

Terug naar boven

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Huishoudelijk Reglement V.V.E. Port Scaldis en V.V.E. Parkeergarage

 

 

Huishoudelijk Reglement V.V.E. Port Scaldis en V.V.E. Parkeergarage

 

 

Artikel  1

1.    Dit Huishoudelijk Reglement bevat artikelen die bedoeld zijn als aanvulling op de Huishoudelijke Reglementen van de V.V.E.’s Scaldia, Bressia en Flandria en is vooral bedoeld om regels vast te stellen ten aanzien van het gebruik door de afzonderlijke eigenaars van de V.V.E.’s Scaldia, Bressia en Flandria van het Parkeerterrein en van de Parkeergarages die onder beheer staan van de V.V.E.’s Port Scaldis en Parkeergarage.

2.    Als er een tegenspraak is van de regels vastgelegd in dit Reglement met de regels vastgelegd in de Huishoudelijke Reglementen van Scaldia, Bressia en/of Flandria, dan prevaleren de regels van dit Huishoudelijk Reglement.

 

 

BEGRIPSBEPALINGEN

 

Artikel  2

1.    Voor dit Huishoudelijk Reglement gelden de begripsbepalingen van artikel 1 van de akten van splitsing van Port Scaldis en de Parkeergarage.

2.    In dit Huishoudelijk Reglement (hierna HR te noemen) wordt verstaan onder:

akten van splitsing: de akte van ondersplitsing van Port Scaldis en de akte van ondersplitsing van Parkeergarage, respectievelijk vastgesteld d.d. 16 maart 2012 en 24 maart 2012 ten overstaan van Mr. Imca Alma Loduvica Segers, notaris ter standplaats Terneuzen.

 

 

HET BESTUUR

 

Artikel  3

1.    Het Bestuur van de V.V.E. Port Scaldis en de V.V.E. Parkeergarage (hierna aan te duiden als het Bestuur) wordt gevormd door de voorzitter van het bestuur van de V.V.E. Scaldia, de voorzitter van het bestuur van de V.V.E. Bressia en de voorzitter van het bestuur van de V.V.E. Flandria.

2.    De eigenaren van de V.V.E. Port Scaldis zijn de V.V.E.’s Scaldia, Bressia en Flandria. Zij worden vertegenwoordigd overeenkomstig het bepaalde in de splitsingsakte van Port Scaldis door de drie bestuursvoorzitters.

3.    De eigenaren van de V.V.E. Parkeergarage worden vertegenwoordigd - overeenkomstig hetgeen in de Algemene Ledenvergaderingen van Scaldia, Bressia en Flandria is beslist – door de drie bestuursvoorzitters.

4.    In overeenstemming met lid 2 en lid 3, wordt iedere vergadering van het Bestuur beschouwd als een (gecombineerde) Algemene Ledenvergadering van de V.V.E. Port Scaldis en de V.V.E. Parkeergarage en zal ook als zodanig genotuleerd worden.

5.    De administrateur en de huismeester kunnen op uitnodiging van het Bestuur de Algemene Ledenvergaderingen bijwonen en daarin het woord voeren. Zij hebben echter geen stemrecht.

6.    Het Bestuur stelt in onderling overleg een taakverdeling vast.

7.    De V.V.E. Port Scaldis en de V.V.E. Parkeergarage worden in en buiten rechte vertegenwoordigd door de voorzitter, of, indien de meerderheid van de bestuursleden dit nodig acht, door de administrateur.

8.    De administrateur kan worden belast met uitvoerende taken van het Bestuur. Hij notuleert de vergaderingen, voert tevens de boekhouding en de administratie van de vereniging.

9.    De administrateur is verplicht, indien hij zich als zodanig terugtrekt dan wel van zijn functie ontheven wordt, om zijn opvolger alle informatie te verstrekken welke nodig is voor een goede taakuitvoering als administrateur. De volledige administratie inclusief het archief dient hierbij overhandigd te worden.

10. De administrateur ontvangt voor zijn werkzaamheden een vergoeding, die ieder jaar door het Bestuur wordt vastgesteld.

11. De leden van het Bestuur krijgen, na goedkeuring door de voorzitter, de onkosten, die zij gemaakt hebben in het kader van bestuurswerkzaamheden vergoed.

12. De exploitatie en het beheer van de gelden en bezittingen van de V.V.E. Port Scaldis en de V.VE. Parkeergarage worden jaarlijks gecontroleerd door de drie afzonderlijke kascommissies van de V.V.E.’s Scaldia, Bressia en Flandria. Het Bestuur kan pas gedechargeerd worden als alle drie kascommissies daar hun goedkeuring aan hebben geven.

 

 

RESERVEFONDS/ VOORSCHOTBIJDRAGE

 

Artikel  4

1.    Voor beide V.V.E.’s Port Scaldis en Parkeergarage wordt een reservefonds gevormd voor groot onderhoud.

2.    De te reserveren bedragen worden door de drie eigenaars te weten de V.V.E’s Scaldia, Bressia en Flandria ieder jaar vastgesteld.

3.    De rechten op het reservefonds, dat tot het vermogen van de vereniging van eigenaars behoort, gaan van rechtswege met het lidmaatschap van de vereniging bij vervreemding van het eigendom van het betreffende appartementsrecht over op de verkrijger.

4.    De eigenaars zijn verplicht maandelijks bij vooruitbetaling een twaalfde van de jaarlijkse voorschotbijdrage aan de beide V.V.E.’s te voldoen. De eigenaars worden verzocht om voor de betaling een machtiging voor periodieke overboeking aan hun bankrelatie te verstrekken dan wel voor zover mogelijk een incassomachtiging aan de Administrateur van de Vereniging te verstrekken.

5.    In de voorschotbijdragen zijn begrepen de z.g. servicekosten en de bijdragen aan het reservefonds.

 

 

EXPLOITATIEREKENING

 

Artikel  5

1.    De exploitatierekeningen zullen mede bevatten een berekening van het reservefonds "Groot onderhoud".

2.    De opstelling door de administrateur / het Bestuur van hiervoor bedoelde exploitatierekeningen zal geschieden binnen twee maanden na afloop van het boekjaar. De vaststelling ervan dient te geschieden voor 1 april daaropvolgend.

3.    Het boekjaar loopt van 1 januari tot en met 31 december.

4.    Bezittingen van de beide V.V.E.’s  zullen worden gewaardeerd volgens goed koopmansgebruik. Eventuele op of afwaarderingen kunnen uitsluitend geschieden na een daartoe strekkend besluit van de ALV’s van de onderliggende VVE’s.

5.    Opwaarderingen komen ten gunste van het reservefonds Grootonderhoud. Afwaarderingen komen ten laste van de exploitatierekening.

6.    Schulden en verplichtingen van de beide V.V.E.’s worden gewaardeerd op hun nominale waarde.

 

 

VERPLICHTINGEN EIGENAREN van appartementen en garages

 

Artikel  6

1.    Als men eigenaar wordt van een appartement en/ of garage binnen het complex Port Scaldis is men verplicht de in artikel 5:122 lid 2 BW vereiste mededeling te doen aan het Bestuur.

2.    Men is tevens verplicht tot het verstrekken van de volgende gegevens:

naam en volledig adres van de eigenaar.

namen van de gebruikers van het appartement en/of de garage.

3.    Iedere eigenaar is gehouden dit HR in acht te nemen.

4.    De eigenaar blijft evenwel te allen tijde volledig en hoofdelijk aansprakelijk, ook bij het in gebruik geven aan derden van zijn appartement en/of garage (met of zonder titel) en zo ook bij het in beheer geven aan derden, onverminderd de aansprakelijkheid van de derde.

5.    De bepalingen van dit reglement zijn van kracht vanaf de dag van hun vaststelling en verbindend voor alle eigenaars en gebruikers. Voor nieuwe eigenaars en gebruikers zijn zij verbindend vanaf de dag van hun verkrijging in eigendom of gebruik.

6.    De eigenaar die vervreemdt, verhuurt en dergelijke wordt geacht voor de vervreemding, verhuring en dergelijke de nieuwe eigenaar of huurder en dergelijke hiervan op de hoogte te hebben gesteld en een exemplaar van dit HR ter hand te hebben gesteld en voor akkoord te hebben laten tekenen. Bij niet naleving hiervan blijft vervreemder of verhuurder en dergelijke hoofdelijk aansprakelijk voor de gevolgen.

 

Artikel  7

1.    In verband met noodsituaties is iedere eigenaar of gebruiker verplicht het Bestuur een adres binnen “Port Scaldis” (bijvoorbeeld bij de huismeester) te verstrekken waar zijn huissleutel en/of garagesleutel beschikbaar is.

2.    Er wordt van die sleutels slechts gebruik gemaakt in noodsituaties en dan nog in het bijzijn van minstens twee medebewoners of een bestuurslid, dan wel politie of brandweer.

3.    Indien een eigenaar of gebruiker heeft nagelaten een sleuteladres aan het Bestuur te verstrekken, is hij persoonlijk aansprakelijk voor alle schade die daaruit kan voortvloeien.

 

 

 

HET GEBRUIK VAN HET GROEN, HET PARKEERTERREIN EN DE GARAGES door de eigenaars van appartementen en garages

 

Artikel  8  (ALGEMEEN)

1.    De beplante gedeelten van het terrein rond het gebouw dienen te worden gerespecteerd en mogen niet worden betreden, behalve voor het verrichten van door het Bestuur nodig geachte of toegestane werkzaamheden.

2.    Het bij het gebouw behorende terrein is tot gemeenschappelijk gebruik van alle bewoners bestemd. Het is niet geoorloofd buiten de eventueel door het Bestuur speciaal daartoe aangewezen gedeelten motorvoertuigen, fietsen of andere voertuigen te parkeren, te wassen en/of te repareren.

3.    Op het bij het gebouw behorende terrein mogen geen afvalstoffen en behalve op daartoe door het Bestuur eventueel aan te wijzen plaatsen geen voedsel voor dieren worden gedeponeerd.

4.    Honden mogen op het terrein rond het gebouw uitgelaten worden, maar altijd aan de lijn. Hondenpoep moet meteen worden opgeruimd.

5.    Het is verboden grotere voorraden van brandbare vloeistoffen of gassen of van explosieve stoffen te bewaren in de garages of waar dan ook.

6.    Het is verboden vet en/ of olieresten alsmede stoffen die schadelijk zijn voor het milieu, via het afvoersysteem in het riool te doen terechtkomen.

7.    De gemeenschappelijke ruimtes in de garages mogen nimmer worden gebruikt voor opslag van materialen, afval etc.

8.    Alle deuren in de garages, en de (eventuele) deuren van de containerruimten dienen normaal gesloten te blijven.

 

Artikel  9  (HUISVUIL)

1.    Huisvuil en ander afval dient ordelijk in de daarvoor bestemde (container)ruimten te worden geplaatst op de daarvoor aangewezen plaatsen.

2.    Huisvuil, zoals b.v. koffiedik en kattenbakvullingen, dient dusdanig verpakt te worden dat het niet door (kapotte) huisvuilzakken/ dozen kan lekken.

3.     De eigenaar of gebruiker die verantwoordelijk is voor extra vervuiling door huisdieren, huisvuil, materiaalvervoer of anderszins, dient onmiddellijk maatregelen te treffen teneinde dit vuil direct te (doen) verwijderen, ongeacht de door het Bestuur te treffen maatregelen voor het onderhoud van de gemeenschappelijke ruimten.

 

Artikel  10  (GEMEENSCHAPPELIJKE RUIMTES)

1.    Uit veiligheidsoverwegingen is het de bewoners niet toegestaan op verzoek van onbekenden deuren te openen, welke toegang kunnen geven hetzij tot de gemeenschappelijke ruimten, hetzij tot de privéruimten.

2.    Fietsen, bromfietsen etc. dienen in de garage, stalling of in de fietsenrekken geplaatst te worden.

3.    Garages mogen slechts gebruikt worden als stalling voor auto's, motorfietsen, fietsen, bromfietsen e.d.

4.    Auto's dienen niet onbeheerd in de gangen van de parkeergarage achtergelaten te worden, doch geparkeerd te worden op het parkeerterrein of in de individuele garageboxen.

5.    Het is kinderen beneden de 12 jaar verboden zich op te houden in de parkeergarage zonder begeleiding van minstens één volwassene.

6.    Het Bestuur regelt de verlichting van de gemeenschappelijke gedeelten van het gebouw en de verlichting van het terrein.

7.    Het is verboden brandslangen voor een ander doel te gebruiken, dan waarvoor zij zijn aangeschaft.

8.    Het is niet toegestaan dat gerookt wordt in de garages.

9.    Auto's voorzien van een LPG-installatie zijn in de garage niet toegestaan.

10. De eigenaar of gebruiker, die schade aan de gemeenschappelijke ruimtes veroorzaakt, is ook aansprakelijk voor deze schade en derhalve ook voor de kosten van herstel.

11. Huisdieren mogen in de gemeenschappelijke ruimten van het gebouw niet loslopen. Zij dienen of kort aangelijnd te zijn of te worden gedragen.

 

Artikel  12  (AANSPRAKELIJKHEID)

1.    Indien men in of aan zijn appartement of garage werkzaamheden laat verrichten, blijft de opdrachtgever ten opzichte van de vereniging van eigenaars volledig verantwoordelijk, onverminderd de aansprakelijkheid van de uitvoerder.

2.    De eigenaar of gebruiker is aansprakelijk voor alle schade die door hem of zijn huisgenoten aan het gebouw en de garages wordt toegebracht. De eigenaar of gebruiker is ook aansprakelijk voor alle schade toegebracht door personen of dieren, die door de eigenaar of gebruikers tot het gebouw en de garages zijn toegelaten of er op diens uitnodiging verblijven.

 

Artikel  13  (GELUID)

1.    Het voortbrengen van muziek en het gebruik van geluidsapparatuur in de parkeergarage dient slechts op zodanige wijze te geschieden, dat dit niet hinderlijk hoorbaar is.

2.    Het is slechts beperkt toegestaan werkzaamheden uit te (laten) voeren met gebruikmaking van boren, hamers en andere werktuigen, welke hinderlijk lawaai veroorzaken voor de overige bewoners. Deze werkzaamheden zijn toegestaan op maandag tot en met vrijdag tussen 09.00 uur en 18.00 uur en op zaterdag tussen 10.00 uur en 18.00 uur. Op zon- en feestdagen is dit helemaal niet toegestaan.

 

Artikel  14  (STORINGEN, ONDERHOUD, VERBOUWINGEN EN VERGUNNINGEN)

1.    Storingen of beschadigingen van gemeenschappelijke installaties, alsmede gebreken en beschadigingen op het parkeerterrein en de garages, en verdere gemeenschappelijke  voorzieningen, dienen onverwijld bij het Bestuur c.q. de huismeester gemeld te worden.

2.    Noch de gezamenlijke eigenaars als zodanig, noch de vereniging van eigenaars zijn aansprakelijk voor enige schade, door welke oorzaak dan ook ontstaan, toegebracht aan personen en/of zaken in de gemeenschappelijke gedeelten van het gebouw en daarbuiten.

3.    Indien een eigenaar in zijn garage aanpassingen wil doen of wil verbouwen, dan dient hij dit altijd vooraf schriftelijk bij het Bestuur te melden. Afhankelijk van de aard van de aanpassing of de verbouwing kan het Bestuur toestemming verlenen of besluiten dat een uitgebreid schriftelijk verzoek ingediend moet worden voordat toestemming verleend kan worden. Aan het verzoek dienen de volgende bescheiden te worden toegevoegd:

a.  Plan van aanpak,

b.  Tekeningen en berekeningen,

c.  Verklaring van geen bezwaar van alle bewoners c.q. eigenaren die eventueel last of bezwaren zouden kunnen hebben.

4.    In het Plan van Aanpak dient tenminste beschreven te worden:

a.  De tijdsplanning van de verbouwing,

b.  Een logistiek plan met aan- en afvoerwegen van nieuwe en vrijkomende materialen,

c.  (indien van toepassing) het aantal en opstelling van bouw- en afvalcontainers, toiletten en opslagplaatsen.

5.    In een bestuursvergadering worden de plannen beoordeeld op de volgende items:

a.  wordt de constructie van het gebouw veranderd,

b.  wordt het buitenaanzicht veranderd,

c.  welke overlast is er voor de andere bewoners.

6.    De beslissing van het Bestuur zal schriftelijk worden meegedeeld.

7.    De huismeester heeft, ter controle, toegang tot de verbouwing.

8.    De werkzaamheden moeten plaats vinden op werkdagen tussen 08.00 uur en 17.00 uur.

9.    Het is verboden om de toegangsdeur met een wig te blokkeren. De deur moet na iedere passage gesloten worden. Het blokkeren van de liften is eveneens niet toegestaan.

10. Het is verboden om voor het aan- en afvoeren van materialen het kiezeldak van de garages te gebruiken.

11. Maximaal 6 weken na het gereed komen van de verbouwing dienen tekeningen van de werkelijk uitgevoerde werkzaamheden met de juiste maatvoering, inclusief de eventueel verlegde aan- en afvoerleidingen, aan het Bestuur overhandigd te worden.

12. Na elke verbouwing moet de set constructieve tekeningen van het gebouw geactualiseerd worden en wel op kosten van de verbouwer.

13. De eigenaar is aansprakelijk voor beschadigingen in de openbare ruimtes, het Bestuur kan daarvoor een borgsom vaststellen.

14. Voor de verbouwing zal een “staat van onderhoud” opgemaakt worden.

15. De tijdens de verbouwing ontstane vervuiling van de openbare ruimten moet dagelijks opgeruimd en schoongemaakt worden.

16. Verbouwingen dienen te worden uitgevoerd door erkende bouwbedrijven aangesloten bij een brancheorganisatie en dienen in het bezit te zijn van een C.A.R. (Constructie All Risk) verzekering met voldoende dekking om alle schade en eventuele gevolgen ten gevolge van de verbouwing af te dekken. Een kopie van dit verzekeringscertificaat dient voor aanvang van de werkzaamheden in het bezit te zijn van het Bestuur.

17. Daar waar deze regels niet in voorzien zal het Bestuur een beslissing nemen.

 

Artikel  15 (STROOMVERBRUIK IN DE GARAGES)

1.    Het is toegestaan in de garage elektrische witgoedapparatuur zoals vrieskisten, koelkasten en drogers/vochtvreters te plaatsen. De eigenaar is verplicht dit aan de secretaris te melden. Het is niet toegestaan elektrische auto’s op te laden in de garages: de capaciteit van het in de garages geïnstalleerde elektrische net is daarvoor niet toereikend.

2.    Bij de eigenaar van de garage zal voor de elektrische apparatuur per maand een forfaitair bedrag van € 5,-- per maand in rekening worden gebracht, dat via de servicekosten zal worden geïnd. De hoogte van dat bedrag wordt afgesproken met het Bestuur en is afhankelijk van de geïnstalleerde apparatuur.

3.    Mocht de eigenaar een gecertificeerde elektriciteitsmeter in zijn garage willen installeren, dan zal de werkelijk verbruikte energie jaarlijks in rekening worden gebracht.

4.    Eigenaars die elektrische apparaten in hun garages plaatsen en gebruiken en dat niet melden, evenals eigenaars die een elektrische auto in hun garage opladen, riskeren een door het Bestuur op te leggen boete van 150 Euro per overtreding.

 

Artikel 16  (PARKEREN CAMPERS EN CARAVANS)

1.    Een camper of caravan mag niet langer dan zeven dagen achtereen op het parkeerterrein van Port Scaldis geparkeerd worden.

2.    Bij het niet nakomen van deze regel zal het Bestuur de desbetreffende eigenaar een (eventueel aangetekend) schrijven doen toekomen met het verzoek de caravan of camper binnen vier dagen te verwijderen.

3.    Mocht de desbetreffende eigenaar niet aan dit verzoek tegemoet komen, dan kan hem een boete van 250 Euro worden opgelegd.

 

 

SLOTBEPALINGEN

 

Artikel  17

1.    Elke bepaling in dit reglement, welke in strijd is met een bepaling der wet, of reglement van ondersplitsing, zonder dat hiervan rechtmatig is afgeweken, wordt voor niet geschreven gehouden.

2.    Zaken waarin het HR niet voorziet, zijn ter beoordeling van het Bestuur.

3.    Iedere eigenaar of gebruiker is gehouden het reglement van splitsing en het HR in acht te nemen.

 

Artikel  18

Het Bestuur is bevoegd in zijn ALV besluiten te nemen ten aanzien van wijzigingen of aanvullingen van dit HR.  Eigenaars van een appartement of garage kunnen ook voorstellen tot wijziging van het HR indienen. Dergelijke voorstellen moeten schriftelijk worden ingediend bij het Bestuur door minimaal drie eigenaars.

 

 

 

 

 

 

Terug naar boven